Na vier jaar gesprekken en onderzoek presenteerde de Staatscommissie tegen discriminatie en racisme haar eindrapport Discriminatie doorbreken. De commissie heeft een actieagenda gemaakt om discriminatie door de overheid in Europees en Caribisch Nederland aan te pakken.
Naar aanleiding van de toeslagenaffaire en het daarmee samenhangende etnisch profileren gaf de Tweede Kamer in 2022 de Staatscommissie tegen discriminatie en racisme opdracht om onderzoek te doen naar de stand van discriminatie en racisme in Nederland en de rol van de overheid daarin.
Vier jaar later presenteerde de commissie stelt haar rapport Discriminatie doorbreken - Naar een overheid die discriminatie en racisme bestrijdt en voorkomt. Discriminatie en racisme zijn geen incidenten volgens de commissie, maar structurele problemen die diepe wortels in de Nederlandse samenleving hebben.
Hoewel art. 1 Gw discriminatie verbiedt, heeft iedereen in Nederland er direct of indirect mee te maken. Ook de overheid discrimineert naar het oordeel van de commissie. Hier zitten discriminatie en racisme verankerd in instituties, werkwijzen en aannames. Denk ook aan de arbeidsmarkt, de zorg, de woningmarkt en het onderwijs.
De overheid moet volgens de commissie niet alleen stoppen met discrimineren, maar zal zelf ook actief moeten bijdragen aan gelijkheid en gelijkwaardigheid om een eind te helpen maken aan discriminatie en racisme. Nog steeds beperkt de overheid zich vaak tot het achteraf reageren op individuele incidenten, terwijl zij juist het goede voorbeeld zou moeten geven, aldus de commissie.
De Staatscommissie tegen discriminatie en racisme presenteert in haar eindrapport een agenda met acties om discriminatie en racisme structureel te bestrijden en te voorkomen. De voorstellen richten zich onder andere op:
- beter monitoren discriminatie
- stoppen datagedreven profilering
- stelselmatig betrekken burgers bij beleid en wetgeving
- versterken wetgeving en toezicht
De Staatscommissie vraagt nadrukkelijk aandacht voor gelijkheid en gelijkwaardigheid in Caribisch Nederland. Ambtenaren op Bonaire, Sint Eustatius en Saba zouden volgens de commissie bijvoorbeeld te vaak onvoldoende weten over de samenleving op de eilanden waardoor de kans op discriminatie en racisme in beleid vergroot wordt.


